Aswoensdag

Gezongen H. Mis met aswijding

Op de credenstafel staat het wijwatervat met kwispel klaar en de benodigdheden voor een tweede handwassing.

(Eventueel nog een extra glazen kommetje (om het as met wijwater te mengen)

 

De priester (in paarse koorkap) en de misdienaars komen binnen langs de korte weg. De communiebank is gesloten maar het witte kleed ligt er niet over.

De wieroker en de acolieten knielen en gaan op hun plaatsen aan de credenstafel staan.

P en C maken een kniebuiging en - wanneer direct de preek zou volgen - blijven aan de altaarvoet staan tijdens de antifoon "Exaudi nos, Dominé, quoniam benigma..." die het koor zingt.

Indien er geen preek in het begin is, gaat P, nadat hij bij binnenkomst een kniebuiging maakte, de altaartrappen op, kust hij het altaar en gaat naar het missaal aan de epistelzijde.

ps : Het is ook mogelijk dat P en de misdienaars de grote weg nemen. Wanneer de misdienaar bij de aanvang eenmaal de klok luidt, zingt het koor onmiddellijk de antifoon "Exaudi nos,..." . Ook in dit geval blijven P en C aan de altaarvoet, na een kniebuiging gemaakt te hebben, wachten tot de antifoon ten einde is.

P houdt daarna zoals gezegd eventueel een korte preek (normaal voor het altaar, eventueel op de preekstoel.)

Wat de preek betreft : Ofwel gebeurt het dus in het begin, ofwel na het evangelie tijdens de H Mis zoals gebruikelijk. Eigenlijk staat het voorgeschreven na de bewieroking van de as en dus voor de oplegging van de as.

Acoliet 2 sluit na de preek de communiebank als die nog open is, maar legt het witte kleed er niet over. (tenzij er ceremoniemeesters in de kapel zijn dan zorgen zij telkens voor de communiebank)

Na de preek gaat P naar het missaal aan de epistelzijde van het altaar. C gaat rond de trappen (zoals gewoonlijk) en gaat aan de rechterzijde van P staan aan het missaal. De as staat klaar op het altaar aan de epistelzijde.

De priester bidt enkele gebeden en na het gebed ‘Omnipotens sempiterne Deus,...' is er wierookoplegging, besprenkeling van de as met wijwater en bewieroking van de as. W hangt nadien zijn wierookvat direct aan de staander.

De acolieten komen naar de altaarvoet, maken een kniebuiging , gaan de trappen op en knielen op de bovenste trede (zoals de communiebeweging). De priester legt ondertussen bij zichzelf de as op en nadien bij de misdienaars.

Terwijl P en C naar de communiebank gaan om de gelovigen een assenkruisje te geven, gaan de andere acolieten op hun plaats aan de credenstafel staan.

Bij de uitreiking van de as aan de communiebank, knielen P en C steeds naar het tabernakel gericht wanneer ze voorbij het midden komen.

Wanneer de priester terug naar het altaar gaat, nemen de acolieten water en doek voor de handwassing.

De priester en de ceremoniaris maken een kniebuiging en gaan naar de priesterstoel, De acolieten komen voor de handwassing naar de priesterstoel.

W kan ondertussen de communiebank terug open doen (als er toortsendragers zijn).

De handwassing kan ook op de gebruikelijke plaats gebeuren zoals bij de lavabo in de H.Mis. In dat geval ging P na de kniebuiging de trappen op.

Na de handwassing bidt de priester nog een gebed in het missaal. Hij gaat van zijn stoel rechtstreeks naar het missaal.C staat terug naast hem.

Hierna gaat P en C naar de priesterstoel om de koorkap te wisselen met een paarse (manipel en) kazuifel.

 

H. Mis

 

De gebeden aan de altaarvoet vallen volledig weg. Er is direct wierookoplegging.

Alles verloopt zoals een gewone zondagsmis. De misdienaars knielen bij de collecte en postcommunio.

geen 'Gloria'.

Bij het bidden van de Tractus (door de priester aan het missaal) knielen P en de misdienaars NIET tijdens "Adjuva nos,... propter nomen tuum.".

P kan nadien -zoals gebruikelijk is- gaan zitten. C geeft teken aan P om recht te staan bij de woorden "Domine, ne memineris". 

P bidt 'munda cor' zoals gebruikelijk.

Bij de evangeliebeweging knielen de acolieten in het midden aan de altaarvoet samen met P (die bovenaan het altaar knielt) tijdens het laatste deel van de Tractus wanneer men zingt : "Adjuva nos,... propter nomen tuum."

geen 'credo'.

Prefatie van de vasten en Pater noster : zangtoon ferialis

De wierookdrager gaat bij het ‘Agnus dei' het witte kleed over de communiebank leggen (of gaat de communiebank sluiten als er toortsendragers zijn).

Na de postcommunio blijft men geknield en buigt men het hoofd tijdens het gebed 'Humiliate capita vestra Deo...'.

(De ceremoniaris mag blijven rechtstaan wanneer hij een bladzijde in het missaal moet omslaan tijdens de collecte of postcommunio)

Hierna sluit C het missaal.

Na het laatste evangelie keren ze terug langs de korte weg. De communiebank mag dus gesloten blijven, tenzij men in het begin koos voor de lange weg. Dan gaat men ook via de lange weg terug naar de sacristie.